04
di, aug
3 Nieuwe art.
Advertentie:

Nieuws
BURGUM. Er moesten nog lintjes worden uitgereikt, ze waren al verdeeld, maar de fysieke uitreiking had nog niet plaatsgevonden om de inmiddels overbekende redenen. Maar nu de coronamaatregelen dermate versoepeld zijn dat bijeenkomsten weer op beperkte schaal toegestaan zijn, werd het tijd om de decorandi bij elkaar te roepen en hun de 'versierselen', zoals dat officieel heet, op te spelden. Al ging dat een beetje anders dan anders, namelijk via een niet eerder vertoonde 'Umleitung'.

Niet burgemeester Jeroen Gebben speldde de onderscheidingen op, maar de partner of een familielid van de decorandi viel die eer te beurt. Maar omdat er liefst zes onderscheidingen te verdelen waren, moest de plechtigheid in tweeën geknipt worden om te voorkomen dat er te veel mensen bij elkaar zouden zijn. Plaats van handeling was de monumentale Kruiskerk in Burgum, een gebouw met een lange geschiedenis en in feite 'poer geskikt' voor een dergelijke plechtigheid.
Sa komme jo ek wer ris yn in tsjerke

Alles is al in gereedheid gebracht als ik op deze vrijdagochtend mij meld in de Kruiskerk in Burgum. Ik ben hier uiteraard wel vaker geweest, maar een geregeld kerkganger ben ik niet, al was een van mijn voorvaderen dominee en preekte hij in het kleine kerkje van Sânfird. Mijn vader, hij was het niet die voorging in de dienst, kon daar prachtige verhalen over vertellen. Meestal kom ik hier bij of huwelijksvoltrekkingen of begrafenissen. Voor beide rituele bijeenkomsten leent het monumentale gebouw uit de 12de eeuw zich uitstekend, die oude bouwmeesters moeten uitstekende vaklui zijn geweest. Ik kijk er elke keer met bewondering naar. Maar deze keer kom ik hier voor een heel bijzondere gelegenheid, namelijk voor het uitreiken van lintjes, koninklijke onderscheidingen dus. Die worden traditioneel uitgereikt rondom koningsdag, vroeger koninginnedag, maar het coronavirus gooide ook roet in dat ceremoniële eten. Zoekend naar een plek waar genoeg ruimte was en die qua sfeer en ambiance bij de gelegenheid paste, was men uitgekomen bij deze kruiskerk. En dat bleek een 'boppeslach', het werd een van de meest sfeervolle lintjesuitreikingen die ik heb meegemaakt, en dat zijn er inmiddels heel wat. Het is nog rustig in de immense kerk, waar je blik automatisch naar boven wordt getrokken en misschien was dat ooit ook de bedoeling. De koffie maakt dat de blik van de bezoekers weer een meer aardse richting krijgt, De Pleats verzorgt traditioneel de catering en dat betekent in dit soort gevallen heerlijke oranjekoek bij de koffie en later oranjebitter om het ritueel af te sluiten. Beide laat ik overigens om niet-culinaire redenen aan mij voorbijgaan, indachtig de wijze raad van mijn huisarts.

houd afstand
De opstelling voor het ceremoniële gedeelte van deze bijeenkomst is duidelijk geënt op het coronatijdperk. Ruimte tussen de stoelen en alleen families mogen dichterbij elkaar zitten. Ik vraag mij nu al af hoe onze nazaten naar deze foto's zullen kijken, ze zullen in elk geval vragen oproepen, dat kan bijna niet anders. De gasten lopen inmiddels binnen en ook de hoofdrolspelers, de decorandi dus, maken hun opwachting. Ze worden naar hun plaats gebracht door wat op Prinsjesdag dan zo mooi 'de commissie van in- en uitgeleide' heet. Bode Ytie fungeert als regisseur, ik verdenk haar er regelmatig van dat ze alles en iedereen bij naam en toenaam kent. Dan arriveert ook burgemeester Jeroen Gebben, zoals we van hem inmiddels gewend zijn, 'dressed to the occasion', in een van zijn befaamde blauwe kostuums en natuurlijk getooid met zijn officiële ambtsketen. De andere kant boven, want het betreft hier een gelegenheid die boven het gemeentelijk belang uitstijgt, hij staat hier immers als vertegenwoordiger van de Kroon.

geschiedenisles
Hij heet de aanwezigen welkom en koppelt daaraan een geschiedenisles die in een school niet zou misstaan. Moeilijk is dat niet natuurlijk in een omgeving die eigenlijk geschiedenis pur sang uitstraalt. Met andere woorden: de Kruiskerk ís geschiedenis, maar omdat een kerk als deze de tijd met glans heeft doorstaan, speelt hij nu nog steeds een belangrijke rol in het maatschappelijke leven van Burgum. Maar dan is het zover: het is tijd om daadwerkelijk de lintjes die toegezegd zijn uit te delen. Het opspelden, altijd een heel 'ochheden', gebeurt een beetje anders dan gebruikelijk. De burgemeester is gewend om dat eigenhandig te doen en de decorandi na afloop de hand te schudden, maar dan is nu even niet mogelijk.
De eerste die hij naar voren roept is mevr. De Vries-Hoekstra. Voor haar houdt Jeroen Gebben een uitgebreid verhaal dat bij mevr. De Vries zelfs leidt tot de nodige emotie, ze is, zoals dat zo mooi heet, 'tot tranen toe geroerd'. Ik kan het me voorstellen, wanneer word je met zoveel loftuitingen overladen nietwaar. En 'gezien de aard en de tijdsduur', ik heb de zinsnede maar even geleend van ZM, is het volkomen terecht dat het de al genoemde ZM, Zijne Majesteit de Koning dus, 'behaagd heeft' mevr. De Vries te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje Nassau'. Mevr. de Vries heeft een familielid meenomen als, wat tegenwoordig een 'side kick' heet en die mag haar het lintje opspelden. Een daverend applaus valt haar ten deel.

Van der Meulen&Van der Meulen
Nee, ze komen niet met z'n tweeën naar voren, een lintje is puur persoonlijk, maar eigenlijk had het wel gekund natuurlijk. En het was ook wel leuk geweest, twee broers die beide tegelijkertijd een Koninklijke onderscheiding krijgen en dan voor een groot deel ook nog voor de zelfde activiteiten. En geloof het of niet, Haike en Harm van der Meulen zijn ook nog eens tweelingbroers. Het kan eigenlijk geen toeval meer zijn zou je zeggen. Haike is de eerste die, geflankeerd door zijn, wat in geef Frysk, 'sydsulver' heet, op het 'beklaagdenbankje' schuin voor het spreekgestoelte plaats mag nemen. Ook voor hem volgt een indrukwekkende lijst van verdiensten voor de maatschappij, waarbij 'paarden' zo ongeveer het biedwoord is. Ik ken hem van de Hynstedagen in Garyp waar hij drie dagen lang in actie is met en voor paarden, getooid met zwart pak en een heuse bolhoed, zoals dat hoort in deze van tradities inderdaad bol staande tak van sport. Ik weet zeker dat hij zich daar tussen al die schitterende Friese paarden een stuk beter op zijn plaats voelt dan hier in deze ook schitterende kerk ten overstaan van de Burgemeester van Tytsjerksteradiel en een 'omsittend laach' dat verwachtingsvol toekijkt. Maar hij 'ferblikt net', hij laat het allemaal tamelijk stoïcijns over zich heenkomen, al weet ik met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid, hij geeft dat later ook toe, dat hij deze waardering buitengewoon op prijs stelt.
Na hem is het de beurt aan zijn broer Harm, ook hem ken ik van de paarden, ook hij is een autoriteit op dat gebied. Het beeld dat ik op mijn netvlies krijg als het om Harm van der Meulen gaat, is zoals hij de stoet van deelnemers aan de verschillende rubrieken op de Gariper Hynstedagen letterlijk in goede banen leidt doormiddel van zijn bolhoed af te nemen en de order 'van hand hand veranderen' gestalte geeft. Met zwier, maar met onverbiddelijke autoriteit is hij zonder ophef de baas in de ring, een prachtig gezicht! Nu kijkt hij eigenlijk net zo stoïcijns als zijn broer, als de burgemeester al zijn onbaatzuchtige verdiensten voor de maatschappij op een rijtje zet. Zijn echtgenote valt de eer te beurt om het lintje op te spelden. Ook voor hem is er applaus en dan is het tijd om te proosten op de drie decorandi met een glaasje oranjebitter.

tweede sessie
En dan komt een wat ongemakkelijk moment: de eerste 'shift' moet nu eigenlijk de kerk uit om plaats te maken voor de tweede groep, in casu de andere drie decorandi. Hoe doe je dat, het klinkt zo ongastvrij om bruutweg te zeggen 'jullie moeten nu vertrekken', dat doe je niet zo makkelijk. Maar wonder boven wonder gaat het op deze vrijdagochtend allemaal als hadden ze nooit anders gedaan. Binnen een paar minuten is de kerk leeg en gaan de gastvrouwen aan het werk om alle tafels en ander gerei schoon te maken, virus-vrij dus eigenlijk. De enigen die blijven zijn de burgemeester en zijn assistente Ytie en een klein roedeltje fotografen, want ja, die volgende lintje-krijgers moeten natuurlijk ook op de foto. Normaal maakten we altijd een groepsfoto van 'tutti gruppi', maar om practische redenen kan dat nu niet en dus worden het twee plaatjes die eigenlijk helemaal niets van een klassieke 'groepsfoto' hebben.

tweede acte
Dan begint de tweede bedrijf van dit blijspel, want dat is het, dit zijn blije mensen, zowel de hoofdrolspelers, als het publiek, het roemruchte 'omsittend laach'. En als iedereen een plekje heeft gevonden, vertelt burgemeester Jeroen Gebben nogmaals zijn verhaal over deze fraaie gotische kerk. "Noch in kear en jo kinne it ferhaal út de holle", zeg ik na afloop tegen hem. Maar de rol van gastheer, want dat is hij in feite, is hem op het lijf geschreven, daarvoor bezit hij de flair en de uitstraling die je van een burgervader verwacht. Deze sessie zitten er opnieuw drie inwoners van Tytsjerksteradiel voor hem, twee dames en één heer.
Mevr. Van der Zee-Van der Heide opent het bal, zij mag als eerste plaats nemen op de hotseats, geflankeerd door wat haar dochter moet zijn, maar dat laatste is een gok mijnerzijds. Terwijl de burgemeester aan zijn, wat je gerust een ode kunt noemen, bezig is, zit ik me te bedenken dat wij toch best een flink aantal bijzondere mensen in ons midden hebben, mensen die onbaatzuchtig zijn, die niet terugdeinzen om zich in te zetten voor anderen, voor de 'mienskip' in welke vorm dan ook. Deze mevrouw Van der Zee is daar, net als haar twee 'lotgenoten' overigens, een sprekend voorbeeld van.
Na haar is het de beurt aan mevr. Miedema-Klomp, zij wordt vergezeld door haar echtgenoot, die haar ook het speldje van de Orde van Oranje Nassau mag opspelden. Ook haar lijst van verdiensten is lang en indrukwekkend en soms vraag ik me af waar die mensen alle tijd en energie vandaan hebben gehaald. Om maar niet te spreken over de motivatie om dat zo lang te blijven doen.
Laatste in de rij is Gjalt Benedictus, hem ken ik goed, ik heb ooit met hem samen mogen werken bij het tot stand komen van het 'Skûtsjesilen op 'e Burgumer Mar' in Eastermar. Maar, zo blijkt uit de lange lijst van maatschappelijke activiteiten die hij op zijn naam heeft, is dat maar een klein gedeelte van al zijn maatschappelijk verdiensten. Na afloop vraagt de burgemeester of iemand van de kersverse decorandi nog wat wil zeggen: "it hoecht net, mar it mei wol." Het verbaast mij niet dat van dat spreekrecht gebruik wordt gemaakt door Gjalt Benedictus, maar ook mevr. Van der Zee neemt de gelegenheid te baat om een dankwoord te spreken, iets wat ook de heer Benedictus voor haar heeft gedaan. Beiden spreken hun dank uit voor de eer die hen te beurt is gevallen en ook richten zij zich tot al die mensen die de moeite hebben genomen om deze bijeenkomst tot een hele bijzondere te maken. En daarmee komt een einde aan deze hele bijzondere lintjes-uitreiking 2020, een ceremonie die de betrokkenen om begrijpelijke redenen niet snel zullen vergeten.

Binne Kramer

Advertentie